man Bernard Sanson‏‎ #136898‎, zoon van Willem Sanson en Therèse Hackenbroch‏.
Geboren ‎8 sep 1841 (22 Ellul 5601) Rotterdam, Zuid-Holland, Nederland‎, bron: WieWasWie (geboorten), overleden ‎2 jul 1913 (27 Sivan 5673) Rotterdam, Zuid-Holland, Nederland‎, 71 jaar, bron: WieWasWie (overlijdens). Beroepen: kantoorbediende (1867), bron: Huwelijksbijlagen, reiziger, bron: WieWasWie (bevolkingsregisters), fabrikant (1904), bron: WieWasWie (huwelijken)
Lid vd grote Kerkeraad, lid vd Permanente comm., voorzitter college van Parnasijns etc. te Rotterdam. Lid CC. Eerder in Den Haag (NIW 1912)., bron: Database Joods Biografisch Woordenboek

Gehuwd ‎4 jun 1867 (1 Sivan 5627) Rotterdam, Zuid-Holland, Nederland, bron: WieWasWie (huwelijken) (28 jaar gehuwd) met:

woman Rebecca Maria Hijmans‏‎ #136899‎, dochter van Emanuel Hijmans en Dina Hijmans‏.
Geboren ‎10 okt 1839 (2 Cheshvan 5600) Tiel, Gelderland, Nederland‎, bron: WieWasWie (geboorten), bron: WieWasWie (bevolkingsregisters), overleden ‎14 aug 1895 (24 Av 5655) Rotterdam, Zuid-Holland, Nederland‎, 55 jaar, bron: WieWasWie (overlijdens)

Kinderen:

1.
woman Dina Sanson‏‎ #136897‎
Geboren ‎21 mei 1868 (29 Iyar 5628) Rotterdam, Zuid-Holland, Nederland‎, bron: WieWasWie (geboorten), overleden ‎30 mei 1929 (20 Iyar 5689) Zeist, Utrecht, Nederland‎, 61 jaar, bron: WieWasWie (overlijdens). Beroep: politie-agente, bron: WieWasWie (bevolkingsregisters)
Oprichter Ver. tot besch. van Joodsche Meisjes 1919 / eerste inspectrice van de zedenpolitie in Nederland. Secretaresse Ver. Joodsche Kinderzorg te Rotterdam. In 1930 is in Santpoort Huize Dina geopend (Tehuis der Ver. tot Bescherm. Joodsche Meisjes).
Van de website http://www.joodserfgoedrotterdam.nl/dina-sanson/ overgenomen:

DINA SANSON
sansonDina Sanson werd geboren op 21 mei 1868 te Rotterdam, ze overleed in Zeist op 30 mei 1929. Dina Sanson was het eerste kind van Bernard Sanson, koopman (Rotterdam, 8 september 1841 – Rotterdam, 2 juli 1913), en Rebecca Hijmans (Tiel, 10 oktober 1839- Rotterdam, 14 augustus 1895). Na haar kwamen nog Josephine (Rotterdam, 20 juni 1871 – Auschwitz, 22 oktober 1943), Willem Lodewijk, (Rotterdam, 21 oktober 1872) en Emanuel Jacobus (Charlois, 26 juli 1880)

De familie Sanson had het materieel goed en ze hadden een mooi huis in een chique deel van de stad; eerst op de Coolsingel 70, later op de Mathenesserlaan 220. Dina bleef daar wonen toen haar moeder overleed en zorgde voor haar vader. Toen deze overleed in 1913 trok zij bij haar zus Josephine en haar man in.

In Amsterdam had Dina het diploma gehaald aan de School voor Maatschappelijk Werk, wat een van de redenen was om haar in 1911 te benoemen tot politie-assistente. Zij ging werken bij de kinder- en zedenpolitie en in 1918 en 1919 werd dit korps met nog 2 vrouwen uitgebreid.

In 1918 was Dina de oprichtster van de ‘ Vereeniging tot Bescherming van Joodsche Meisjes’. Dat was mede de aanleiding tot de opening in 1930 van Beet Dina/Huize Dina te Santpoort (Duinlustparkweg 60), een tehuis voor gevallen Joodse meisjes. Later ging Dina werken bij het Ministerie van Juridische Zaken. Dina was de eerste vrouw in Nederland die bij politie en justitie werkte. Haar functie van politie-assistente werd pas in 1936 gewijzigd in die van inspecteur. Dat heeft Dina niet meer meegemaakt.

Overlijden
Het overlijden van Dina werd landelijk in de dagbladen vermeld, zoals in de Leeuwarder Courant van 1 juni 1929:
In den ouderdom van 61 jaar is in het gemeentelijk ziekenhuis te Zeist overleden mej. Dina Sanson. Zij was de eerste vrouw in Nederland bij de politie werkzaam. Op initiatief van den toenmaligen hoofdcommissaris van politie, den heer Roest van Limburg, werd zij op 1 Mei 10 11 tot politie-assistente te Rotterdam benoemd. Zij deed haar werk met groote liefde en het is goeddeels aan haar te danken, meldt men aan de „N. R. C.”, dat het werk van de kinderpolitie zulk een beteekenis heeft verkregen.

Lewaaje
Dina werd op 3 juni 1929 op de begraafplaats op het Toepad begraven, en ook daarvan verscheen er in de kranten een uitgebreid verslag:

Gistermiddag is op de Israëlitische begraafplaats aan het Toepad het stoffelijk overschot van mej. Dina Sanson, politie-assistente, aan den schoot der aarde teevertrouwd. Onder de talrijke aanwezigen, die zich in het Weenhuis rond de met kransen bedekte baar hadden geschaard bevonden zich de kinderrechter bij de arrondissementsrechtbank alhier, mr. H. de Bis; mr. A.J. Marx rechter; hoofdcommissaris van politle, de heer A. H. Slrks; de waarnemend hoofdcommissaris, de heer D. A. Caspers; de hoofdinspecteur, de heer E. van Binsbergen. voorzitter van den Bond van hooger politiepersoneel; de heer W Voskuil, Chef van de zeden- en kinderpolitie; een afvaardiging van het personeel der kinderpolitie; de beide collega’s van de overledene, de politie-assistenten de dames C. Hoogendijk en J. E. Braat. Namens de Vereeniging tot bescherming van Joodsche meisjes, waarvan de overledene de oprichtster was, waren aanwezig mevr Roos-Jacobson, mevr. S. Winkel-Rippe en de heeren G. van Raalte en P. van Cleeff; namens de vereeniging Onderlinge Vrouwenbescherming mevr. C. van Schalk- Dobbelman; namens den Christelijken Politiebond, de heer B. Reeder; voorts waren er bestuursleden van de Israëlietische Gezondheldskolonie en de heeren S v d Bergh, lid van de Eerste Kamer, dr. J. Ph. Elias, mr. S. D. K. M. van Lier uit ‘s-Gravenhage en mej. dr. Jeanne Bles.

In den stoet, kwamen mee de heeren S. S. Wijzenbeek, voorzitter van de Centrale Vereeniging tot Verbetering van Armenzorg in de Israëlitische gemeenten, en Zwart, voorzitter van het Israëlitisch Schoolfonds. De leeraar van het Israëlitisch Begraafgenootschap de heer M. Melamed sprak naar aanleiding van den tekst: “Strooi in de ochtend uw zaad uit en gun ook in den avond uw hand geen rust”. Hij herinnerde eraan dat de naam van den vader den overledene met gulden letters vermeld staat in de analen der Joodsche geschiedenis. De overledene heeft het leven van haar vader tot voorbeeld genomen en zich met volle ambitie geworpen op het terrein van den socialen arbeid. Menig uur heeft zlj ontrukt aan den familiekring om te kunnen geven, aan wat zij beschouwde als haar levenstaak en waarin zij haar levensbevrediging vond. Op voortreffelijke wijze heeft zij gewerkt van den morgen tot den avond. Spreker was echter zeker van aller instemming als hij in deze gewijde, oogenblikken de bede opzond tot den Almachtigen Schepper dat Hij haar ziel het schoone loon deelachtig zal doen worden, dat in uitzicht gesteld wordt aan de braven.

De heer A. H. Sirks zeide, dat men in het begin dezer eeuw tot de overtuiging gekomen was, dat de politie niet uitsluitend machtsorgaan behoorde te zijn, doch dat zij ook een sociale taak had te vervullen. Het bleek noodzakelijk, dat ook de vrouw een rol vervulde. In navolging van eenige Duitsche steden was Rotterdam de eerste stad in Nederland, waar de vrouw haar intrede bij de politie deed. Men stond, voor een moeilijke keuze en nu, nadat mej. Sanson 18 jaren met volkomen trouw en liefde de politie heeft, gediend, constateerde spreker dat de keuze van toen bijzonder gelukkig is geweest. Voor de zoo belangrijke taak was iemand noodig met naam en ervaring op sociaal gebied, maar ook persoonlijks eigenschappen speelden een rol. Men moest hebben een vrouw, die gaf, wat zij te geven had. Die veel liefde in zich had. Dat heeft Dina Sanson gedaan. Met haar medewerking is langzamerhand het instituut der kinderpolitie gegroeid.Zij laat een herinnering achter, die hoog in ere gehouden zal worden.

De heer Wysenbeek had den droeven plicht dank te brengen aan deze voortreffelijke vrouw voor wat zij in het belang der armenverzorging heeft gedaan. De vorige week had de overledene 25 jaar zitting in het bestuur van spreker’s vereenlglng. Dina Sanson was een vrouw, dle opviel door haar persoonlijkheid. Vijftien jaar had spreker haar meegemaakt in de praktijk der armenverzorging. Liefde toonde zij voor allen, die tot de vereenlglng kwamen. Zij was de eerste; die den stoot tot centralisatie van de armenzorg gaf en zij heeft bovendien dle zorg geleld in banen, waardoor zij beter tot haar recht kwam.

De vereenlging lijdt een bijna onherstelbaar verlies door haar heengaan. Namens het bestuur en namens de honderden, dle tot de vereeniging zijn gekomen, dankte spreker de overledene, wier naam steeds met ere in dankbaarheid in herinnering zal blijven.

Namens de Vereniging- Joodsche Kinderzorg zeide dr. A. Morel, dat ook deze vereenlglng door dit heengaan ernstig getroffen was. Nauwelijks een Jaar geleden verloor zij in mr. S. J. L.van Aalten haar onder-voorzitter, nu bracht men de secretaresse naar haar laatste rustplaats. Het bestuur heeft haar veel te danken, door de wijze, waarop Dina Sanson haar groote gaven van hoofd en hart in dienst der vereeniging stelde. Helaas zullen wij, aldus spreker, haar voorlichting missen, maar naar haar voorbeeld zullen wij verder werken en onze beste krachten geven. Zoolang de vereeniging zal bestaan, zal haar naam met grooten eerbied en met liefde genoemd worden. De heer S. Goldschmidt – voorzitter van den Bond van Joodsche vereenigingen voor hulpverleening in Rotterdam, zeide dat men niet had kunnen vermoeden, toen men de eerste vergadering van den Bond op dezen dag uitschreef, dat een treurige, plicht zou roepen voor deze droeve plek.

Dina Sanson heeft het leven begrepen als weinigen. Zij heeft goed gedaan, waar het mogelijk was; het laatste deel van haar prachtige leven heeft zij gegeven aan den Bond, aan de voorbereiding van maatregelen, die de stichting ervan voorafgingen en aan die, welke den Bond moeten doen uitgroeien tot wat de oprichters hebben bedoeld. Wfl zullen voortwerken, aldus spreker, op den weg waarop zij ons is voorgegaan.’

Mr. B. Polak, getuigde namens het hoofdbestuur, van de Vereeniging tot bescherming van Joodsche meisjes van het gevoelige verlies dat deze vereeniging lijdt door het overlijden van de oprichtster die al die Jaren de leidster is geweest. In de vereeniging was het een genoegen met haar samen te werken, omdat van haar uitingen energie en ijver, en zij haar wenschen met beminlijkheid wist door te zetten. Van den persoon van Dina Sanson kunnen wij afscheid nemen, maar niet van haar werk. dat blijft als een bestanddeel van Joodsch sociaal leven.

Nadat de kist het Weenhuis uitgedragen en in de groeve neergelaten was, heeft de oudste broer, de heer W. M. Sanson uit Zeist, bedankt voor de betoonde belangstelling.

bron:
Leeuwarder Courant, 1 juni 1919, overlijden Dina Sanson
“ROTTERDAM. Begrafenis Dina Sanson.”. “Nieuwe Rotterdamsche Courant“. Rotterdam, 03-06-1929. Geraadpleegd op Delpher op 30-03-2016, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010030300:mpeg21:a0009

Laatst bijgewerkt:
2 februari 2018
, bron: Database Joods Biografisch Woordenboek, bron: Joods erfgoed Rotterdam
2.
womanstar  Josephine Sanson‏‎ #136900
Geboren ‎20 jun 1871 (1 Tamuz 5631) Rotterdam, Zuid-Holland, Nederland‎, bron: WieWasWie (bevolkingsregisters), overleden ‎22 okt 1943 (23 Tishrei 5704) Auschwitz, Polen‎, 72 jaar, doodsoorzaak: vermoord, bron: Joods Monument Joodse Gemeenschap in Nederland
3.
man Willem Lodewijk Sanson‏‎ #136903
Geboren ‎21 okt 1872 (19 Tishrei 5633) Rotterdam, Zuid-Holland, Nederland‎, bron: WieWasWie (bevolkingsregisters), overleden ‎26 feb 1935 (23 Adar 5695) Den Haag, Zuid-Holland, Nederland‎, 62 jaar, bron: WieWasWie (overlijdens). Beroepen: kantoorbediende, koopman (1904), bron: WieWasWie (huwelijken), groothandelaar in fruit, bron: WieWasWie (overlijdens)
4.
man Emanuel Jacobus Sanson‏‎ #136904
Geboren ‎26 jul 1880 (18 Av 5640) Charlois, Rotterdam, Zuid-Holland, Nederland‎, bron: WieWasWie (bevolkingsregisters), overleden ‎18 mrt 1945 (4 Nisan 5705) Rotterdam, Zuid-Holland, Nederland‎, 64 jaar, bron: WieWasWie (overlijdens). Beroep: fabrikant van lakken en vernis, bron: Gezinskaart Rotterdam E

Gezins gebeurtenissen
Neem contact op.